Een preview van System Center Virtual Machine Manager 2012 - deel 2

Deel 1 kun je hier lezen.

System Center Virtual Machine Manager 2012 (SCVMM) is de opvolger van SCVMM 2008 R2 en komt in de tweede helft van 2011 beschikbaar. Momenteel heeft deze een status van Community Test Program.  Microsoft heeft op TechEd Berlijn eind 2010 een aantal presentatie gegeven. Daarnaast zijn in januari 2011 een aantal sessies aan de pers gegeven. Ook de aanstaande Microsoft Management Summit zal er nog veel meer worden getoond.


Gratis NGN Events
23 Maart organiseert de NGN
een hele middag over Windows
Server (Group Policies en beveiliging)


Op 13 april organiseert de NGN
een volledige dag over Citrix.
Neerlandsch beste Citrix Experts
presenteren hier.
Schrijf je hier in!

SCVMM 2012 biedt, en hoe kan het ook anders, functies om een private cloud te maken en te gebruiken, of consumeren zoals het in cloud termen heet. Een private cloud is een nieuwe abstractie laag op de virtualisatie laag. Hiermee kunnen cloud afnemers zonder technische kennis van de virtualisatie laag  een gelimiteerde hoeveelheid resources als virtual cpu’s, intern geheugen, storage en virtual machines afnemen.

In het eerste deel over de nieuwe functionaliteiten van SCVMM 2012 zijn features als  loadbalancing van virtual machines, powermanagement, deployment van servers en intelligent placement beschreven. In dit deel wordt nader ingegaan op een ander onderdeel van fabric management namelijk storage en netwerk.


Storage

Om het beheer van de storage welke beschikbaar is gesteld aan de Hyper-V hosts te vereenvoudigen zal SCVMM 2012 middels SMI-S providers kunnen communiceren met de storage laag. SMI-S staat voor Storage Management Initiative Specification en is een standard management interface voor storage arrays. Hierdoor wordt het bijvoorbeeld mogelijk om storage arrays van  verschillende leveranciers vanuit 1 console te beheren. SCVMM 2012 ‘begrijpt’ vanwege de SMI-S providers de storage laag vanaf de virtual machine partities, de virtual hard disk (VHD), het CSV volume tot het LUN en hard disks. SCVMM kan bijvoorbeeld automatisch LUN’s creëren en deze toewijzen aan Hyper-V hosts.

Voor storage integratie  wordt in SCVMM 2008 gebruik gemaakt van VDS hardware providers.  SCVMM 2012 zal de laatste versie zijn waarin VDS wordt ondersteund.


Self-Service portaal

SCVMM 2012 zal een nieuwe abstractie laag hebben voor het netwerk. Kennis van technische configuraties als VLANs, IP-subnets en storage is niet nodig voor het consumeren  van Microsoft private cloud resources.  Hierdoor wordt het voor anderen dan  de beheerders van de virtuele infrastructuur eenvoudiger om zelfstandig virtual machines aan te maken. Denk hierbij aan  applicatie beheerders of applicatie testers. Waar deze nu vaak een verzoek moeten indienen voor de aanmaak van virtual machines kan men dat in de toekomst zelfstandig doen vanuit de self-service portal waarin logische  benamingen als ‘frontend of backend netwerk’ en  ‘silver of gold storage’ worden aangeboden.

De SCVMM beheerder maakt het logische netwerk met een IP-subnet en eventueel VLAN. Het IP-adres van virtual machines welke in SCVMM worden aangemaakt komen van een IP-pool welke is gedefinieerd in SCVMM. Ook gegevens over DNS en WINS kunnen worden  uitgegeven. Dit komt overeen met de functionaliteit van een DHCP-server.

Een IP-pool kan drie typen IP-adressen hebben: static, reserved en een VIP-address of Virtual IP Address. Een VIP-address kan door SCVMM 2012 worden gebruikt voor de configuratie  van VIP-adressen aan hardware loadbalancers. Citrix Netscaler en F5 BigIP worden in ieder geval ondersteund. De ondersteuning van load balancers heeft te maken met een nieuwe interessante functie van SCVMM 2012 namelijk services. Een service is binnen SCVMM een verzameling van virtual machines welke een toepassing verzorgen. Een service kan bijvoorbeeld een webshop zijn. Deze bestaat vaak uit een aantal webservers, een applicatie server en een database server. Hierover in een toekomstig artikel veel meer.

Bij de aanmaak van een nieuwe virtual machine  zal een IP-adres uit de pool worden gehaald. Deze wordt bij verwijderen van de virtual machine weer teruggeplaatst in de pool.


Mac-adressen

Ook voor MAC-adressen is er een pool. In Hyper-V R2 en SCVMM 2008 waren er twee pools van MAC-adressen; een onder beheer van Hyper-V manager en 1 onder beheer van SCVMM 2008. Potentieel bestaat de kans dat dubbele MAC-adressen worden uitgegeven aan virtual machines.

SCVMM 2012 zal sneller virtual machines op basis van templates kunnen uitrollen. Dit komt doordat VHD bestanden welke als basis worden gebruikt voor een nieuwe virtual machine niet meer over het netwerk naar een host en terug naar storage hoeft te worden gekopieerd. In plaats daarvan vindt er een ‘SAN to SAN copy’ plaats. Deze functionaliteit biedt VMware al langer middels vStorage APIs for Array Integration (VAAI) op storage arrays welke VAAI ondersteund.


Virtual machines aanmaken via een template

Ook bij gebruik van SCVMM voor het beheer van VMware vSphere is een versnelling gerealiseerd in het aanmaken van nieuwe virtual machines op basis van een template. Bij SCVMM 2008 werd het .VMDK template bestand over het netwerk gekopieerd waardoor de aanmaak werd vertraagd. Met  SCVMM 2012 wordt de template niet meer over het netwerk gekopieerd maar wordt gebruik gemaakt van de het originele template bestand welke in een VMware datastore staat.

Tot zover de informatie over nieuwe functionaliteiten  op  storage- en netwerk gebied. In het derde en laatste deel zal private clouds en services worden beschreven. Dat zijn  zeer interessante nieuwe  functionaliteiten.